De ondernemingen die een ondergeschikte instelling in een ander land van de EU willen creëren moeten:
• de professionele codes van beroepsethiek eerbiedigen;
• de vereiste vergunningen verkrijgen;
• op het geheel van de vereiste criteria antwoorden.
Ongeacht het land van de EU, moeten de filialen:
• aan de registers van de vennootschappen ingeschreven worden en bij de autoriteiten belast met de invordering van de belastingen/belastingen en BTW, alsmede bij de kantoren van sociale zekerheid geregistreerd worden;
• een informatie (identiek in alle landen van de EU) publiceren over de moedermaatschappij en hun activiteiten.
De dochtermaatschappijen moeten eveneens de procedures van registratie van de juridische personen geldend in hun land van ontvangst toepassen.
De verantwoordelijken voor kantoren en agentschappen moeten zich bij de Kamer van Koophandel registreren, een vergunning verkrijgen en hun fiscale verplichtingen in het land van ontvangst controleren, in functie van de natuur of het volume van hun activiteiten. |